"Groter is niet altijd beter": 5 essentiële functies waarop je moet letten bij een tv voor het WK

Hisense U7S
(Beeld: Future / CurioWorld)

Als je overweegt om je tv te upgraden vóór het WK, merk je waarschijnlijk al snel hoe onoverzichtelijk de tv-markt tegenwoordig is. Er zijn verschillende schermtechnieken, formaten en prijzen die uiteenlopen van een paar honderd euro tot meerdere duizenden euro’s. Een keuze maken is dus niet bepaald eenvoudig.

Daarom helpen we je graag op weg. We hebben de beste tv’s van dit moment getest en daarbij extra gelet op sportweergave. Live sport vraagt namelijk om een tv die snelle bewegingen soepel en scherp in beeld brengt. In deze gids leggen we uit welke functies echt belangrijk zijn als je een tv zoekt voor sport.

Niet alles wat belangrijk is, staat trouwens duidelijk op de doos vermeld. We zetten de belangrijkste aandachtspunten voor je op een rij, maar veel nuttige informatie vind je eerder in reviews en productpagina’s van webwinkels dan op de verpakking zelf.

Latest Videos From

Sterke upscaling en bewegingsverwerking

Hisense U7S Pro

(Image credit: Future / Stock Videos-Copyright Free)

Eigenlijk gaat het hier om twee functies, maar upscaling en bewegingsverwerking zijn nauw met elkaar verbonden. Samen zorgen ze ervoor dat sportwedstrijden scherp en vloeiend in beeld komen. Is één van de twee niet goed genoeg, dan merk je dat meteen tijdens het kijken.

Upscaling betekent dat een 4K-tv beeld met een lagere resolutie omzet naar een hogere resolutie, zodat het volledige scherm wordt gevuld. De kans is groot dat niet iedereen het WK rechtstreeks in 4K kan kijken, waardoor goede upscaling belangrijk wordt. Tv’s doen dit op verschillende manieren, en veel modellen pakken tegenwoordig uit met AI-ondersteunde upscaling.

Bewegingsverwerking draait dan weer om de manier waarop een tv omgaat met bewegingen op het scherm. Bij digitale video is snelle actie, zoals een bal die over het veld wordt getrapt, lastig om perfect scherp te houden. Daardoor kan detail verloren gaan en kunnen snel bewegende objecten (zoals een voetbal) wazig ogen, uitgesmeerd worden of zelfs een soort schaduwspoor achterlaten.

Goede bewegingsverwerking probeert zulke snelle bewegingen te volgen, bijvoorbeeld van de bal en de spelers, en past het beeld vervolgens aan om onscherpte en andere bewegingsproblemen te beperken. Zo blijft de actie duidelijker en makkelijker te volgen. Sommige tv’s kunnen zelfs extra beelden genereren, waardoor bewegingen vloeiender lijken en het beeld de indruk geeft van een hogere framerate.

Het nadeel is dat slecht uitgevoerde beeldverwerking, vooral bij sommige goedkopere tv's, er onnatuurlijk uit kan zien. De bal kan dan een vreemde gloed om zich heen krijgen, spelers kunnen overdreven scherp afgelijnd lijken en het totaalbeeld voelt eerder kunstmatig aan dan echt gedetailleerd.

Daarom moeten motion handling en upscaling goed samenwerken. Een tv kan bijvoorbeeld veel extra detail toevoegen via upscaling, maar als de beeldverwerking zwak is, verdwijnt dat detail zodra de actie versnelt. Omgekeerd heb je ook weinig aan sterke beeldverweking als de upscaling vreemde randen rond de bal creëert. Dan wordt het werk van de beeldverwerking alsnog tenietgedaan.

LG OLED TV's, zoals de LG C5 en LG G6, zijn erg sterk in zowel upscaling als beeldverwerking. Dat geldt ook voor Samsungs duurdere modellen, waaronder de Samsung QN90F en Samsung S95F. Sony had hier jarenlang een uitstekende reputatie in, maar recent vinden we LG en Samsung op dit vlak sterker. TCL en Hisense doen het doorgaans ook goed in het middensegment.

Goede schermuniformiteit

Hisense U7S Pro TV

(Image credit: Future / No Copyright 4K Zone)

Je hebt dit misschien al eens horen omschrijven als het “dirty screen effect”. Schermuniformiteit verwijst naar hoe goed een tv een gelijkmatig verlicht beeld kan tonen over het volledige scherm, zonder plekken die donkerder lijken dan de rest. Dit probleem komt vooral voor bij lcd-tv’s, waaronder led-, QLED-, mini-LED- en RGB-modellen.

Lcd-tv’s werken met een achtergrondverlichting van leds die door een raster van pixels schijnt. De opbouw van die achtergrondverlichting speelt een grote rol bij de schermuniformiteit. Als de leds niet gelijkmatig geplaatst zijn of niet overal even fel oplichten, kunnen bepaalde delen van het scherm net iets donkerder of lichter lijken dan andere. Dat valt vooral op in scènes met grote vlakken in één kleur, zoals het gras op een voetbalveld.

Als de schermuniformiteit van je tv niet goed is, zie je vreemde donkere vlekken over het veld bewegen terwijl de camera de bal volgt. Sommige mensen verwarren dat met stof op het scherm, vandaar de naam.

Hoe groter de tv, hoe gevoeliger hij kan zijn voor het "dirty screen effect". Er is dan simpelweg een groter oppervlak dat gelijkmatig verlicht moet worden. Daarom kan een extra groot budgetmodel soms tegenvallen: zulke tv’s hebben minder vaak de hoogwaardige achtergrondverlichting die nodig is om het beeld overal consistent te houden.

Je kan vooraf nooit helemaal zeker weten hoe een specifieke tv zal presteren, maar de specificaties geven soms wel een aanwijzing. Kijk bijvoorbeeld naar het aantal dimming zones. Over het algemeen betekent meer dimming zones dat de tv meer controle heeft over de achtergrondverlichting. Dat gaat vaak samen met meer leds in het paneel en een betere schermuniformiteit. Het is daarnaast altijd verstandig om reviews te raadplegen waarin schermuniformiteit expliciet wordt besproken.

Tot nu toe ging het vooral over led-tv’s, maar hoe zit het met OLED? In theorie hebben OLED TV's minder last van dit soort problemen met schermuniformiteit, omdat elke pixel zijn eigen lichtbron is. OLED’s kunnen wel degelijk ongelijkmatigheden in het beeld vertonen, maar dan gaat het vaker om een echt defect dan om een beperking van een goedkoop paneel.

Een scherm dat tegen reflecties kan

Hisense UXN en UXK

Het verschil tussen een paneel met weinig reflectie (links) en een scherm zonder zo’n geavanceerde laag (rechts). (Image credit: Future)

Sport kijken gebeurt vaak overdag, en dat betekent meestal ook dat er veel licht in de kamer is. Zelfs als je ’s avonds kijkt, staan er misschien nog meerdere lampen aan. De glanzende schermen van veel tv’s werken dan al snel als een spiegel, waardoor het lastiger wordt om goed te zien wat er op het scherm gebeurt.

Spiegelachtige reflecties zijn extra storend. Ze leiden niet alleen je aandacht af van de wedstrijd, maar zorgen er ook voor dat je ogen vanzelf proberen scherp te stellen op de reflectie in plaats van op het tv-beeld. Omdat die reflectie op een andere afstand lijkt te zitten dan het beeld op de tv, moeten je ogen voortdurend opnieuw focussen. Dat kan vermoeiend zijn.

Tv’s gebruiken verschillende technieken om reflecties te beperken. Vrijwel alle tv’s hebben bijvoorbeeld een ingebouwde polarisator, die helpt om te bepalen hoe licht door het paneel beweegt. Bij budget-tv’s is die laag vaak vrij eenvoudig, waardoor het verschil in een lichte kamer beperkt kan zijn.

Bij een betaalbaardere tv is een hogere helderheid daarom vaak de beste manier om reflecties tegen te gaan. Mini-led-tv’s zijn hier sterk in, omdat ze een groot aantal kleine leds gebruiken. Daardoor kunnen ze over het volledige scherm een veel hogere helderheid halen dan OLED TV's.

Sommige tv’s hebben daarnaast specifieke antireflectielagen. De duurdere mini-led- en OLED TV's van Samsung gebruiken bijvoorbeeld een “Glare Free”-coating. Dat is in feite een matte laag die licht verspreidt in plaats van het als een spiegel terug te kaatsen. Reflecties verschijnen daardoor eerder als een zachte waas dan als een duidelijk herkenbaar object. De helderheid van de tv kan dat makkelijker compenseren, waardoor het minder storend is voor de kijker.

Hisense heeft ook een minder agressieve matte laag toegevoegd aan zijn duurdere en middenklasse mini-LED-tv’s. De LG G6 OLED TV heeft dan weer een indrukwekkende laag die de helderheid van spiegelachtige reflecties sterk vermindert.

Kort gezegd: als je vaak in een lichte kamer tv kijkt, is een hogere helderheid altijd mooi meegenomen. Een premium-tv met een extra antireflectielaag helpt daar nog verder bij.

Beter geluid

TCL QM581G achter Dolby Atmos speaker

Een goed ingebouwd speakersysteem helpt echt om de sfeer tot leven te brengen. (Image credit: Future)

Als je naar het WK kijkt, wil je zoveel mogelijk worden meegezogen in de sfeer van het evenement. Geluid speelt daar een grote rol in. Als het stadiongeluid duidelijk uit de tv zelf komt, vergeet je minder snel dat je gewoon naar een scherm zit te kijken. Maar als het geluid breder klinkt en meer uit de ruimte lijkt te komen, voelt het sneller alsof je midden in de actie zit.

Ook diepere bassen en heldere hoge tonen helpen daarbij. Trommels, stampende voeten, stemmen en het gebrul van een volledig stadion klinken dan voller en realistischer, waardoor de wedstrijd meer tot leven komt.

Ook hier geldt dat je op basis van specificaties nooit helemaal zeker weet of een tv echt goed klinkt, maar je kan wel een redelijke inschatting maken.

Budget-tv’s hebben meestal een vrij eenvoudig speakersysteem, vaak met slechts twee kleine speakers die naar beneden gericht zijn. Daardoor is hun vermogen om je echt te omringen met geluid beperkt. Als een tv alleen een 2.0-kanaals speakersysteem heeft, is de kans groot dat het geluid vrij beperkt klinkt.

Een tv met speakers die naar voren of opzij gericht zijn, heeft veel meer kans om een breder geluidsbeeld neer te zetten. Kijk ook naar modellen waarbij de specificaties een bassysteem vermelden, zoals een subwoofer of passieve basradiatoren. Die zorgen doorgaans voor een voller geluid.

Het goede nieuws is dat middenklassers en duurdere tv’s steeds vaker al uit de doos een vol en goed gecontroleerd geluid leveren. Modellen zoals de TCL C7K en Hisense U7 doen het op dit vlak goed, maar stap je over naar de TCL C8K, Hisense U8 of vooral de Samsung QN90F, dan krijg je een merkbaar groter en ruimtelijker geluid.

Natuurlijk kan je ook voor een soundbar of apart speakersysteem kiezen als je zeker wil zijn van sterke geluidskwaliteit. Rond deze periode vind je vaak tv-deals waarbij een soundbar wordt meegeleverd of met korting wordt aangeboden, dus hou die zeker in de gaten. Het kan goed zijn dat een middenklasse-tv met een betaalbare soundbar uiteindelijk de beste prijs-kwaliteitverhouding biedt als je een groot scherm wil combineren met groots geluid.

Een groot schermformaat met de juiste prijs

LG C6 (links) en LG G5 (rechts) met een beeld van een uil op het scherm. Beide tv’s geven het beeld erg nauwkeurig en natuurgetrouw weer.

(Image credit: Future)

Veel mensen die een tv willen kopen voor het WK, zullen geneigd zijn om voor het grootst mogelijke scherm te gaan. Dat is begrijpelijk, want er zijn tegenwoordig heel wat enorme formaten beschikbaar die niet eens zoveel duurder zijn dan een 65 inch-model. Daardoor wordt de verleiding om groter te gaan alleen maar sterker.

Toch is groter niet altijd beter. Dat heeft alles te maken met de punten die we hierboven hebben besproken. Slechte bewegingsverwerking, zwakkere details, ongelijkmatige schermuniformiteit, storende reflecties en beperkt geluid vallen allemaal sneller op op een groter scherm. Hoe groter het beeld, hoe minder ruimte er is om zulke gebreken te verbergen.

Heb je bijvoorbeeld een budget van 1.000 euro, dan kan je kiezen voor een eenvoudige 85 inch-tv, een goede 75 inch-tv of een kwalitatief sterkere 65 inch-tv. Hoe je die balans tussen formaat, beeldkwaliteit en budget legt, blijft uiteindelijk een persoonlijke keuze. Het is alleen belangrijk om te beseffen dat je meestal prestaties inruilt voor extra schermoppervlak als je budget niet meegroeit met het formaat.

Jouri Altorf
Redacteur

Jouri heeft een passie voor esports en is tegelijkertijd onze airfryer-expert van dienst. Hij is ook de trotse eigenaar van een Garmin Instinct Crossover, die hij gebruikt om zijn workouts in de sportschool, bergwandelingen en avonturen in moshpits te tracken.

Met bijdragen van